2. Wat is lactase?
Lactose moet na consumptie in de dunne darm gesplitst worden door het enzym lactase in kleinere suikers, glucose en galactose. Het lichaam kan alleen deze kleinere suikers opnemen en als energiebron gebruiken.
3. Wat is lactose-intolerantie?
Op het moment dat het enzym lactase niet of onvoldoende aanwezig is, kan de lactose niet worden gesplitst en daardoor niet worden opgenomen in het lichaam. De lactose komt terecht in de dikke darm waar het gaat gisten en kan leiden tot verschijnselen als overmatige gas- en zuurproductie, opgeblazen gevoel, winderigheid en diarree. Is dit het geval, dan spreken we van lactose-intolerantie. Het optreden van klachten hangt ondermeer af van de hoeveelheid lactase die nog door de darm wordt aangemaakt en de samenstelling van het voedsel dat wordt genuttigd.
4. Bij wie komt lactose-intolerantie voor?
Baby's nuttigen (vrijwel) uitsluitend melk als voeding en hebben voldoende lactase bij de geboorte om lactose te splitsen. Wanneer ander voedsel dan melk in het menu wordt opgenomen neemt de lactase productie bij het grootste deel van de wereldbevolding langzaam af. Dit is dus een normaal en natuurlijk verschijnsel. Bij uitzondering blijven blanke Europeanen wel goed in staat om lactose in de darm te splitsen. In Noordwest Europa komt lactose-intolerantie dan ook bij slechts 2% van de blanke bevolking en dit is meestal erfelijk bepaald. In Zuid Europa, Azië en Afrika ligt het percentage lactose-intolerantie hoger.
Bij mensen met een beschadiging van de darmwand, bijvoorbeeld ontstaan door ziekte of een operatie, kan de productie van lactase (tijdelijk) sterk zijn verminderd. Ook dan kunnen klachten van lactose-intolerantie onstaan. Bij oudere mensen lijkt de productie van lactase met het toenemen van de leeftijd geleidelijk af te nemen. Hierdoor kan op latere leeftijd lactose-intolerantie ontstaan.
5
. Hoe wordt lactose-intolerantie vastgesteld?
Als iemand na het nuttigen van melk en/of melkproducten last krijgt van misselijkheid, opgeblazen gevoel, winderigheid en/of diarree dan is deze persoon wellicht lactose-intolerant. Om na te gaan of het inderdaad lactose-intolerantie is, kan een waterstofademtest worden gedaan. Dit kan aangevraagd worden bij de huisarts die mogelijk doorverwijst naar een internist of gastro-enteroloog (maag-darm-lever arts).
Bij de waterstofademtest wordt de hoeveelheid waterstof in de uitademingslucht bepaald op verschillende tijdstippen voor en na het nuttigen van een bepaalde hoeveelheid lactose. Stijgt de hoeveelheid waterstof in de uitademingslucht dan wordt de lactose niet goed verteerd.
Bij zuigelingen is de waterstofademtest onbetrouwbaar. Door de zuurgraad van de ontlasting te meten kan een arts toch vaststellen of een zuigeling lactose-intolerant is.
6. Wat kan er aan gedaan worden om van de klachten af te komen?